Over Kors


de Waarheid

Nadat Kors van Bennekom in 1955 uit militaire dienst komt, keert hij terug naar zijn vroegere werkgever Van der Pol. Van hem leent hij het geld voor de aanschaf van een Rolleicord. Deze camera beschouwt hij jarenlang als zijn ideale gereed­schap, een verlengstuk van zijn arm. Hij maakt bruids- en bedrijfsre­portages per bromfiets en begeleidt Ine van der Schaaf in zijn vrije tijd als fotograaf wanneer zij op stap moet voor De Waarheid. Hij ontgroeit de fotowinkel en na wat omzwervingen vraagt Dolf Kruger of hij hem tijdens de zomervakantie van 1956 bij De Waarheid wil vervan­gen. Zijn enthousiaste aanpak valt in de smaak en men biedt hem een vaste aanstelling aan. Naast Kruger en Freek Aal fotogra­feert Van Bennekom huisuit­zettin­gen, vredesde­mon­straties, herdenkin­gen, stakingen en soldaten die worden ingescheept voor Nieuw-Guinea. Maar ook minder beladen onderwerpen, zoals sport­wedstrij­den, verkeer- en straatsc­ènes en culturele gebeurtenissen legt hij vast.
Omdat de krant wegens voortdurend geldgebrek niet is geabonneerd op fotopersbureau's, is er altijd behoefte aan foto's. Daarom fotografeert Van Bennekom ook als hij onderweg is naar een klus in het land. Het zijn bruikbare onderwerpen zoals auto-ongelukken, landschap­pen, kinderen en dieren. Als er even niets te doen is, gaat hij vanuit Felix Meritis op de Keizers­gracht - waar De Waarheid gevestigd is - de straat op om 'losse' foto's te maken. Van Bennekom valt op bij zijn colle­ga's. Hij doet gecon­cen­treerd zijn werk, staat niet op een kluitje bij de anderen maar zoekt een ander standpunt om de obligate 'plaat' te vermijden.
Het snelle, afwisselen­de karakter van de fotojournalis­tiek blijkt hem goed te lig­gen. Het werk vergt een alerte instelling die hij zijn verdere loopbaan zal behou­den.
Er moet bij De Waarheid zuinig worden gewerkt. Dit heeft consequenties voor het gebruik van het negatief­materiaal. Onbelich­te stukjes film worden afgeknipt en opnieuw gebruikt. Het formaat van de afdruk­ken is vaak maar 12 cicero (één kolom breed, plusminus 5,5 cm.). Deze effici­nte beeldecono­mie noopt tot een bewuste onderwerps­keuze en stand­punt­bepa­ling. Alleen voor foto's van speciale gelegen­heden, zoals het Waarheid Festival, wordt een uitzondering gemaakt: 44 cicero (drieëneenhalve kolom, plm. 20 cm.). En ook de stakende havenarbeiders die op de Dam door hun voor­man ­Nelis Heijt worden toegespro­ken, worden 'opgeblazen' en over de volle breedte van de voorpa­gina afgedrukt.
De kwaliteit van Van Bennekoms foto's wordt ook buiten De Waar­heid ingezien. In 1959 kopen zowel het Stedelijk Museum te Amster­dam als het Leids Prentenka­bi­net enkele foto's aan. Een jaar later organiseert Sandberg, directeur van het Stedelijk Museum, de groepstentoonstelling Dag Amster­dam. Van Bennekom krijgt de opdracht om gedurende een dag het bruisende Amsterdamse straatleven vast te leggen. Dat is een kolfje naar zijn hand. In 1965 verlaat Van Bennekom De Waarheid, omdat een aantal journa­listen met wie hij goed kan samenwerken, zoals Wim Klinken­berg, op politieke gronden wordt ontslagen. Bovendien houdt het aan de krant gelieerde weekblad Uilen­spiegel, dat altijd plaats bood aan uitvoerige fotoreporta­ges, op te bestaan.
Het gezin Van Bennekom bestaat inmiddels uit 5 personen. De toekomst is onzeker, want opdrachten zijn er voorlopig nog niet. Bij veel potentiële opdracht­ge­vers strekt het Waarheidverle­den niet tot aanbeveling. Maar er is geen weg terug. Als hij op eigen initiatief de zogenoemde bouwvak­rellen van juni 1966 fotogra­feert en de foto's aan De Waarheid aanbiedt, weigert de redactie hem te woord te staan. Hij heeft in hun ogen 'de goede zaak' verraden.